Geen onderdeel van een categorie

Reactie GFG

Mark De Vriendt, general manager Garantiefonds Reizen:

“Garantiefonds Reizen biedt al sinds de start in 1996 aan zijn leden de mogelijkheid om hun verkoop in het buitenland te verzekeren, en vanaf 1 juli 2018 gebeurt dat met de nieuwe Reiswet automatisch.  Het opzet van de nieuwe Europese Reisrichtlijn van 25 november 2015 is dat de reiziger, waar en hoe hij ook boekt, altijd beschermd is tegen het faillissement van de reisorganisator, waar deze ook in de Europese Unie gevestigd is. Voorwaar een mooie doelstelling. Toegepast op België is het de Economische Inspectie die er op toeziet, dat Belgische bedrijven verzekerd zijn tegen financieel onvermogen, en dat doet ze goed. Reizigers in gans de Europese Unie kunnen dan met een gerust hart boeken bij een Belgische reisorganisator  of deze nu met een website met extensie .be of .com of .eu werkt (Let wel: het is niet omdat je op een .be-website boekt, dat je te maken hebt met een Belgisch bedrijf). Maar de meeste vragen gaan natuurlijk over het omgekeerde, nl. wat als en in België op een website van een buitenlandse reisorganisator geboekt wordt? Zeker nu het Europees Parlement op 6 februari nieuwe regels tegen geoblocking heeft goedgekeurd. Die maken een einde aan het beperken van online toegang tot goederen en diensten, gebaseerd op de geografische locatie van de gebruiker. Volledig vrij online shoppen in de EU dus. Wat met de bescherming van de reiziger?

Twee vragen stellen zich: hoe kan de reiziger weten of een reisorganisatie hem bescherming biedt tegen financieel onvermogen? En wie controleert dat?

In principe dient elke reisorganisatie in de Europese Unie aan te duiden welke entiteit (zoals GFG) garant staat in geval van diens faillissement. Merkwaardig genoeg is dit volgens de Richtlijn, en spijtig genoeg gewoon herhaald in de Belgische Reiswet, enkel verplicht op het contract. In de precontractuele fase, de promotie- of verkoopsfase, dient de garantiesteller dus nog niet vermeld te worden, dus ook niet op de website van de reisorganisator. Die zou wel dom moeten zijn om dat niet te doen als hij goed en wel beschermd is. Als de reiziger vooraf geen logo of gegevens van een garantiesteller terugvindt bij een reisorganisatie, dient hij alleszins zeer waakzaam te zijn. Hij kan zich in ieder geval bevragen bij de meest gekende garantiestellers, die in principe dagelijkse geüpdate databases publiek ter beschikking stellen, zoals GFG al jaren doet. Ook alle merknamen komen voor in de database van GFG, en andere gegevens over diens leden, zoals openingsuren, contactgegevens, adresplan en foto’s van de kantoren of het team.

We leven evenwel niet in een ideale wereld, en het is dus niet omdat er een mooi logo op een buitenlandse website (of eerder website van een buitenlands bedrijf, want, zoals hoger vermeld, kan die ook met .be werken) staat, laat staan een link naar een of andere buitenlandse garantiesteller, dat de reiziger werkelijk beschermd zal zijn. Wie doet hier de controle?

Als er verkopen op Belgisch grondgebied gebeuren, kan de Economische Inspectie hoogstens zijn collega’s van het land waar het bedrijf gevestigd is, vragen om op te treden als dat bedrijf niet of onvoldoende garanties biedt. Dikwijls blijft enige reactie uit.

Het is zelfs zo erg dat, 28 jaar na de eerste Richtlijn op Pakketreizen uit 1990, er nog diverse, zelfs grotere Lidstaten zijn die geen sluitend beschermingssysteem voor de reiziger bieden. De Europese Commissie, die uiteindelijk als toezichtsorgaan zou moeten fungeren, blijft hier stuitend in gebreke. De enkele rechtszaken die tot het Europees Hof van Justitie geraakt zijn, betroffen gedingen die lokaal aangespannen zijn door reizigers, en niet door de Europese Commissie zelf.

Maar de nieuwe Reisrichtlijn (artikel 17) belooft hier verandering in te brengen: de Lidstaten moeten “centrale contactpunten” oprichten. “En zij moeten de contactgegevens van die contactpunten meedelen aan alle andere lidstaten en aan de Commissie. En die centrale contactpunten stellen onderling alle nodige informatie beschikbaar over hun nationale eisen voor bescherming bij insolventie en de entiteit of entiteiten die instaan voor de bescherming bij insolventie voor specifieke organisatoren die op hun grondgebied zijn gevestigd. Deze contactpunten bieden elkaar toegang tot alle beschikbare overzichten van organisatoren die voldoen aan hun verplichtingen op het gebied van bescherming bij insolventie. Dergelijke overzichten zijn openbaar toegankelijk, ook online.”

Een overheid die nog een bijkomende database moet installeren en bijhouden ? Wij zijn benieuwd naar de praktische uitwerking ervan. In België gaat het dan nog over een klein aantal garantieverzekeraars, waarbij er zelfs enkele buitenlandse zijn. Hoe gaan zij uniform de nodige data aan de overheid leveren?

Eén lichtpunt: EGFATT.eu , de Europese Vereniging van Garantiefondsen waar GFG stichtend lid van is, neemt het voortouw om een centrale database aan te leggen met al hun leden (10.000 bedrijven die miljoenen reizen verzorgen)  in de Europese Economische Ruimte en Zwitserland. Binnenkort komt de nieuwe website online, waar de reizigers kunnen checken of hun reisorganisatie conform de nieuwe Richtlijn beschermd is tegen faillissement.

Bovenstaande is nog niet het ganse verhaal. In zijn vijfde en laatste punt stipuleert artikel 17 van de Reisrichtlijn nog dit: “Indien een lidstaat twijfels heeft omtrent de bescherming bij insolventie van een organisator, vraagt hij de lidstaat van vestiging van de organisator om opheldering. De lidstaten beantwoorden verzoeken van andere lidstaten zo spoedig mogelijk, rekening houdend met de urgentie en complexiteit van de aangelegenheid. Een eerste antwoord wordt in elk geval niet later dan 15 werkdagen na de ontvangst van het verzoek gegeven.”

Prachtig niet, hoe de EU de Lidstaten oplegt om samen te werken. Verwacht wordt dat administraties, van Portugal tot Finland, van Ierland tot Roemenië, elkaar binnen de 15 werkdagen (enfin een maand dus) een helder antwoord zullen geven.

Wij hebben voor de totstandkoming van de Richtlijn aan menig europarlementslid meegegeven dat er een zesde punt in artikel 17 diende te komen, nl. wat gebeurt er als de Lidstaten niet of niet binnen de gestelde termijn of onvoldoende helder antwoorden. M.a.w. een mooie regelgeving, maar niet afdwingbaar. De sancties ontbreken, die worden nochtans vlot toegevoegd als het over de verplichtingen van reisorganisaties of garantieverzekeraars gaat. Intussen kunnen wel Belgische reizigers in hun hotel of op de tarmac geblokkeerd staan…

Interessant in deze is een artikel dat op 7 februari in de kranten verschenen is, weliswaar over een totaal andere sector. de Belgische overheid vroeg meer informatie over sociale attesten aan de Bulgaarse overheid, maar “die ging niet dieper op de vragen in. Het Belgische Hof van Beroep besliste daarom geen rekening te houden met de verklaringen en beschouwde ze als frauduleus verkregen. Het Europese Hof van Justitie bevestigt nu dat de rechter inderdaad de verklaringen naast zich neer mag leggen. Want er moet dan wel wederzijds vertrouwen zijn tussen de lidstaten, maar ook loyale samenwerking. Als België aan Bulgarije signaleert dat er een probleem is, moet Bulgarije dat onderzoeken. Doet het dat niet, dan mag een Belgische rechter ervan uitgaan dat de verklaringen niet geldig zijn.”

Net zoals de Reisrichtlijn bepaalt, dient ook in de sociale sector ervan uitgegaan te worden dat een gelijkluidend document van een Europese Lidstaat in elke andere Lidstaat geldig is. M.a.w. als Bulgarije bevestigt dat een bepaalde Bulgaarse garantieverzekeraar conform de Reisrichtlijn werkt, dan dient de Belgische overheid ervan uit te gaan dat de Belgische reiziger perfect beschermd is. Hoewel… er kan twijfel zijn. Kijk maar naar het faillissement van Lowcostholidays.com dat zich niet meer aan de strenge voorwaarden van de Britse Civil Aviation Authority (CAA) wou onderwerpen, maar zich goedkoop ging verzekeren op de Balearen. Deze verzekering bleek een lege doos en honderdduizenden reizigers waren de dupe.

Besluit: er is nog veel werk aan de winkel om de Belgische reiziger totaal te beschermen. Misschien toch best bij een Belgische reisorganisator blijven boeken, en even checken of die bij een hier bekende garantieverzekeraar aangesloten is? Of bij één van de zes andere leden van egfatt.eu.

Toch nog één klein ding maar dat is voor een volgende beschouwing: de Belgische Reiswet vereist dat de garantieverzekeraars ook voor de afzonderlijke reisdiensten (naast pakketreizen en gekoppelde reisarrangementen) garant staan, en dat is nagenoeg uniek in de EU. Voor ons is het business als usual, want die diensten waren al sinds 1996 verzekerd door GFG. Maar gaan buitenlandse garantiestellers hun dekking speciaal voor België uitbreiden, en wie houdt er toezicht op deze uitbreiding?”

 

 

Comments