Bestemmingen

Reizen we straks ‘natuurlijker’?

Zaterdag 3 april

Noorwegen en Sardinië zijn twee bestemmingen die naast een overweldigende natuur ook op het culinaire vlak een en ander te bieden hebben. In Noorwegen is dat zonder twijfel en in de eerste plaats de succulente rode koningskrab (paralithodes camtschaticus) – volgens ‘doemdenkers’ het enige overgebleven Russische Rode Leger – en op Sardinië maak je in een van de talrijke agroboerderijen, onder bezielde leiding,  je eigen schitterende pasta. Twee belevenisreizen die ons straks misschien de zure oprispingen van het ellendige coronavirus enigszins zouden kunnen doen vergeten.

Aflevering 6 (slot): Noorwegen en Sardinië

Krabsafari

Noorwegen is uiteraard bekend vanwege de lange kustlijn (die je overigens met de Hurtigruten, tussen Bergen en Kirkenes, via een spectaculaire zeereis kan beleven), de schoonheid van de grillige fjordenkust, de middernachtzon en (als je geluk hebt) het mysterieuze noorderlicht. Je kan uiteraard volop smullen van de schoonheid van de natuur, van het grote aanbod wilde paddenstoelen in het seizoen en de alom tegenwoordige voorraad vis- en schaaldieren, maar natuurlijk evenzeer van de king krab, het nieuwe goud van het land sedert de Noorse regering in 2001 de toestemming gaf om op deze schaaldierlekkernij te vissen.

De king krab  die in het ijskoude water nabij Kamtsjatka (in de buurt van Vladivostok) in de Beringzee zijn ‘thuishaven’ had, werd destijds onder impuls van Brezjnev en Kosygin naar de omgeving van Moermansk gebracht omdat de onderzeese nucleaire Sovjetvloot daar gestationeerd werd en de bevolking daar snel zou toenemen. De krab zou derhalve voor een niet onbelangrijk deel van de diversiteit van de economische activiteit kunnen zorgen. Na het uiteenvallen van de Sovjet Unie, begin jaren negentig, werd de basis van Moermansk grotendeels ontmanteld, maar de krabben bleven en zetten hun rooftocht verder. De krabben (vr)eten de zee leeg en hebben naast de mens, vrijwel geen natuurlijke vijanden. Deze ‘lekkere’ beestjes zijn ondertussen al tot voorbij de eilandengroep Lofoten opgerukt en komen vandaag heel regelmatig en overal ter wereld in de borden van lekkerbekken terecht. Milieuactivisten zijn bang dat ze in de toekomst wel eens hun kaalslag tot in Zuid-Europa zouden kunnen voortzetten. Hoe dan ook op krabsafari trekken in de schilderachtige Varangerfjord is wel een heel speciale manier om je vakantie in Noorwegen extra luister bij te zetten, zeker als je na de ‘wonderbaarlijke’ visvangst deze dieren ook nog mag degusteren.

 

In de jaren negentig van de vorige eeuw is de export van deze delicatesse op kruissnelheid gekomen en inmiddels is de king krab wereldwijd present. Hiermee wordt de oude, maar allesbehalve triviale voorspelling, dat het Rode Leger uiteindelijk de wereld zou veroveren toch voor een stukje bewaarheid.

Lekkerder wordt het niet!

Eilanden hebben (zeker op ons) altijd al een bijzondere aantrekkingskracht gehad en als het over Sardinië gaat komt daar nog eens de onvolprezen Italiaanse flair bovenop. Dit zonnige eiland, met een kustlijn van meer dan 1.000km, is in veel opzichten een toffe bestemming. Puur, ongerept, heel (bio)divers en een absoluut fraaie samengang tussen natuur, cultuur en gastronomie. Sardinië is voor velen een ideale bestemming en zeker voor reizigers die tuk zijn op een authentieke brok Italië en daarvoor met graagte de platgetreden paden willen verlaten.

Sardinië is, als tweede grootste eiland van de Middellandse Zee, absoluut een echt paradijs voor de natuurliefhebber. 1.040km kust, witte stranden alom, smaragdgroene granietrotsen, burchtdorpjes, steile woeste kusten, boeiende cultuur en dito tradities zorgen voor een wereld vol kleuren en geuren. Duidelijk een eiland dat zijn identiteit heeft weten te behouden. Bovendien kan je er dagelijks genieten van een heerlijke gastronomie en is het onvolprezen ecotoerisme er al evenzeer aan een steile opmars bezig.

Voor zo’n belevenisvakantie kozen we voor Alghero, een havenstad aan de noordwestkust van het eiland. De straten van het fraaie en trotse Alghero, dat wel eens meer klein Barcelona wordt genoemd vanwege de duidelijke Spaanse invloeden, zijn opgesmukt met grote foto’s van inwoners die de kaap van 100 jaar hebben overschreden. Zonder twijfel een bewijs temeer van de positieve invloed van een zalig klimaat, gekoppeld aan een gezonde en op en top Italiaanse levenswijze. Olijfolie speelt hierin een niet onbelangrijke rol en het veelvuldig gebruik ervan zorgt er onder meer voor dat de gezondheid van hart- en bloedvatenstelsel op Sardinië gemiddeld beter is dan in veel andere landen. Olijven bevatten bovendien veel natuurlijke antioxidanten, waaronder vitamine E en deze stof helpt behoorlijk tegen verouderingsprocessen.

De aantrekkelijke Sardijnse keuken wordt in ieder geval alle eer aangedaan op de agroboerderijen, waar je als gast overigens zelf je pasta mag bereiden.

Lekkerder wordt die niet! Leuk meegenomen is verder een bezoek aan één of meerdere imposante wijndomeinen die het eiland rijk is.

Liefhebbers van wandelen en natuur komen rond Alghero al evenzeer aan hun trekken. In het natuurpark Porto Conte staat tijdens een wandeling de enorme biodiversiteit van het eiland in de kijker. Wilde bloemen en kruiden zoeken en herkennen is hier de boodschap.

Dwalen door het kleurrijke centrum en de dito straatjes van Alghero zorgt beslist voor een extra portie aangenaam vakantiegevoel en dito beleving.

Neptune’s Caves laten je kennismaken met de wonderbare wereld van de overvloedig van stalagmieten en stalactieten gevulde kamers. Je moet daarvoor wel enkele honderden treden afdalen (en later ook terug beklimmen).

Als het over een passend geschenk gaat dan kan je niet naast het rood koraal kijken in de talrijke winkels in de straten van Alghero. Koraal wordt 100m diep uit de oceaan opgevist en per jaar worden daarvoor slechts 25 vergunningen afgeleverd. Let wel dat je koopt bij een handelaar die over de juiste licentie beschikt want onder de koraaljuwelen van de Riviera del Corallo is er jammer genoeg vrij veel namaak.

Amusant is voorts het verhaal dat Britse piloten voor een deel aan de grondslag liggen van de toeristische ontbolstering van Alghero. Tijdens de tweede wereldoorlog bombardeerden Britse vliegtuigen de Duitse troepen op Sardinië en legden daarbij een stukje van Alghero plat. Betrokken Britse piloten waren echter zodanig onder de indruk van de schoonheid van de streek dat ze na de oorlog de toeristische machine naar Alghero in gang zetten. Een opmerkelijk stukje Britse ‘Wiedergutmachung’ als je het ons vraagt!

Yves Slabbinck, senior writer

Foto’s Noorwegen © Gerrit Op de Beeck

 

 


 

Zaterdag 20 maart

Een van de meest avontuurlijke en tot de verbeelding sprekende reizen die we ooit konden meemaken is zonder enige twijfel Zuid-Afrika per tent. We schrijven 2005: van Johannesburg tot de Victoria Falls, drie weken lang met de legendarische African Jumbo Camper van de Nederlandse touroperator Oad. Het was een absoluut spectaculaire natuurreis onder de begeesterende begeleiding van ‘oud huurling’ Kassie de Waal, een legendarische en bij wijlen cassante reisgids die het hele verhaal extra kleur gaf.

Aflevering 5: Zuid-Afrika en Zimbabwe

Hyena’s aan het hek

Zuidelijk Afrika per tent was gedurende een aantal jaren het favoriete speeltje van gm Oad Joop ter Haar. Met de African Jumbo Camper, begeleid door een logistiek team dat dagelijks instond voor het opzetten en afbreken van de tenten, hebben enkele honderden avontuurlijke reizigers de reis van hun leven beleefd, terwijl ze iedere avond, verzameld rond de ‘braai’ honderduit vertelden over de talrijke zaken waarover ze zich gedurende de dag hadden verbaasd.

Geland in Johannesburg werd meteen Soweto – waar we volgens Kassie ‘the good, the bad and the ugly’ zouden te zien krijgen – te voet bezocht en o.a. de huizen van de twee Nobelprijswinnaars voor de Vrede Nelson Mandela en Desmond Tutu aangedaan.

Verder ging het via Pretoria en het Voortrekkersmonument (dat duizend jaar moet blijven staan ter herinnering aan de Grote Trek) naar hoogtepunten zoals de Blyde Rivier Canyon (met de Drie Rondawels, drie reusachtige rotsen die sterk doen denken aan de ronde hutten of rondavels van de inheemse bevolking), het goudzoekersstadje Pelgrim’s Rest, God’s Window, Swaziland (met hilarische toestanden bij de grensovergang vooraleer we de nodige stempels te pakken kregen) naar het Krugerpark, waar een intense en overweldigende natuurbeleving (The Big Five inbegrepen) op het menu stond.

Bij het doorkruisen van Swaziland hebben we pech met de bus. De herstellingen slepen wat aan waardoor we uiteindelijk in dit Afrikaans koninkrijk moeten overnachten want de grenzen sluiten er om 18u. Het was vanzelfsprekend een hele onderneming om in extremis een bed te vinden voor de ruim 20 gestrande reizigers.

In het Krugerpark zelf overnachten gebeurde in goed afgesloten domeinen en het doet je toch wel iets als er ’s morgens een paar hongerige hyena’s aan het hek blijken te staan.

Tribune voor de olifanten

Nog zo’n Afrikaanse topper – op weg naar de Victoria Falls – was de tocht door het ongerepte Zimbabwe. Op zeker ogenblik reden we tussen verschillende olifantenkuddes, die op weg waren naar een grote waterplas. Om prima van dit spektakel te kunnen genieten was er – in the middle of nowhere – zowaar een heuse tribune geïnstalleerd, waar je inderdaad een prima zicht had op de zowat 70 kolossen die daar dagelijks hun dorst kwamen lessen.

Memorabel was al evenzeer de halte bij de immense baobabs, waar we, met het merendeel van de reizigers, er amper in slaagden om de stam hand in hand te omvatten.

Nog een absoluut hoogtepunt was de tocht door Hwange National Park (grens met Botswana), waar een verbluffende waaier aan wilde dieren (meer dan 100 soorten zoogdieren en zowat 400 vogelsoorten) de bezoeker verblijden.

In dit enigszins omstreden land vanwege de langdurige dictatoriale leiding en het instorten van de agrarische sector, is het spotten van de leeuwen een belangrijke reden tot reizen geweest. Ook vandaag nog is dit een land waar je heel veel kans maakt om dit sierlijke dier aan het werk te zien. Geschat wordt dat er vandaag nog 500 tot 700 leeuwen in Zimbabwe te vinden zijn.

Minpunt voor de reisorganisator was het oponthoud bij aankomst in Hwange National Park. Alhoewel bij de reservatie vanuit Nederland de betaling was geregeld, wilden de parkwachters de African Jumbo Camper niet toelaten zolang er niet extra betaald werd. Reisgids Kassie de Waal ontbond al zijn duivels – en die waren met velen –, maar niets hielp. En na een uur discuteren werd de geldbeugel alsnog bovengehaald. Eerlijk was anders, maar wat moet je doen als corruptie de baas is? Het was een behoorlijke aderlating van het reisbudget voor de touroperator. Bovendien was het hele prestigeproject van Joop ter Haar een formule waarbij winst maken op de allerlaatste plaats kwam. En dat Oad, deze toenmalig grootste zelfstandige touroperator van Nederland, in 2013 slagzij zou maken, kan moeilijk alleen toegeschreven worden aan het fortuintje dat op die manier aan het Afrikaanse avontuur werd gespendeerd.

Foto: Bij een tankbeurt in Zimbabwe bleek achteraf dat er zich een serieus probleem had voorgedaan.

Een beetje een zielig moment deed zich voor toen bij het tanken gewone benzine in plaats van diesel in de bus terechtkwam. Dit zorgde al evenzeer voor een onvoorzien oponthoud dat echter grotendeels werd goedgemaakt door een gratis maaltijd in het dichtstbijzijnde exemplaar van de keten ‘The Carnivore Restaurant’. De gestrande reizigers kregen 7 verschillende soorten ‘wild’ vlees voorgeschoteld en de vegetariërs zaten er bij en keken er naar. Grapje, want ze konden zich tegoed doen aan ‘wilde’ salades.

Een grotendeels merkwaardig bezoek was dan weer het bezoek aan de begraafplaats van Cecil John Rhodes, in het Matobe National Park. Een ongelofelijke oase van rust en natuurschoon, als je het ons vraagt. Cecil John Rhodes was tevens de stichter van de Britse kolonie Rhodesië (later Zimbabwe en Zambia). Hij was bovendien de zevende premier van de Britse Kaapkolonie en dit van 1890 tot 1896.

De rook die dondert

Van daaruit ging het richting Victoria Falls. Deze breedste watervallen van Afrika vormen op de Zambezi een watergordijn van 1,7 km lang en tot 128 meter hoog. Per minuut valt er zo’n 500 miljoen liter water naar beneden.

De naam werd gegeven door David Livingstone, die dit wereldwonder op 17 november 1855, als eerste Europeaan, aanschouwde. Hij gaf de watervallen – die door de lokale bevolking Mosi-oa-Tunya (de rook die dondert) werden genoemd – de naam van de toenmalige koningin van het Verenigd Koninkrijk, koningin Victoria.

Wie het bezoek aan deze overweldigende waterpartij nog wat extra belevenis wil bijzetten kan een romantische zonsondergang of dinercruise op de Zambezi-rivier overwegen, terwijl bezoekers die géén vliegangst hebben vanzelfsprekend via een helikoptervlucht boven de spectaculaire watervallen willen hangen. Pure waaghalzen kiezen vanzelfsprekend voor een bungee-jump boven de Zambezi. Deze 21 dagen durende reis was gewoon beestig goed!

P.S. Kassie De Waal werd in november 2014 in Port Elizabeth beroofd en neergestoken terwijl hij een groep Nederlandse toeristen begeleidde. Hij overleed in januari 2017 na een hartstilstand in het Capetonian Hotel in Kaapstad en dit op een ogenblik dat hij voor Live To Travel een van de vele  geprogrammeerde rondreizen in Zuid-Afrika begeleidde. Hans Van der Stock (contracts & product director Live To Travel): “Kassie was gewoon dé gids in Nederland en België  voor begeleide rondreizen in Zuid-Afrika en veel groepen boekten alleen als ze er zeker van waren dat Kassie zich over hun reis zou ontfermen.”

Yves Slabbinck, senior writer

 


 

Zaterdag 6 maart

Aflevering 4: Peru en Colombia

Van Zuid-Amerika gaat er sinds de tijd dat de dieren nog konden praten, steevast  een ware fascinatie uit. De dertien verschillende landen hebben allemaal volop troeven om zelfs de verwende reiziger meer dan eens met verstomming te slaan. Peru en Colombia staan op dat vlak zeker niet achteraan in het rijtje en als het over natuurbeleving gaat staan ze zelfs helemaal vooraan.

Betoverend Peru

Wie Peru zegt, denkt vanzelfsprekend aan Machu Picchu, maar dit land, 42 keer groter dan België, heeft nog flink wat meer moois in petto voor de avontuurlijke reiziger, maar evenzeer voor de natuurliefhebber en zelfs voor de cultuurfreak.

Plaatsen als Lima, Cusco, Urubamba, Arequipa, Huacachina, Aguas Calientes en het Titicacameer (8.560 vierkante kilometer) zetten de lezer ongetwijfeld onmiddellijk aan het dromen. In kleur weliswaar!

Peru is daarenboven één van de makkelijkste landen in heel Zuid-Amerika als het over vervoer en verplaatsingen gaat. Bovendien heeft dit sympathieke land zowat alles wat een reizigershart kan verlangen: fraaie en boeiende koloniale steden, het imponerende Andesgebergte, gletsjers, watervallen, uitgestrekte woestijnpartijen, regenwouden vol van verrassende fauna en flora, pittoreske lokale markten en een hartelijke en vriendelijke bevolking.

Tijdens de rondreis kan je vliegen boven de Nazcalijnen, afdalen in de diepe en avontuurlijke Colca Canyon, vanop de Plaza de Armas een en al bewondering zijn voor al het moois van Cusco, je laten oplichten door een schoenenpoetser, een handjevol cocablaadjes kauwen tegen hoogziekte, je evenwicht zoeken op de vlottende eilanden op het Titicacameer, een daguitstap met of zonder paard naar de zevenkleurige Rainbow Mountain tot een goed einde proberen te brengen, maar het absolute hoogtepunt is toch steeds de ogenblikken waarop je ondergedompeld wordt in de magie van de 15de eeuwse Machu Picchu, de stad die de Spanjaarden nooit hebben ontdekt. Niet alleen de stad zelf is prachtig en overdonderend, ook de natuur in de buurt is fenomenaal.

Er zijn verschillende manieren om bij dit wereldwonder te geraken: je kan te voet de adembenemende vierdaagse Inca-trail over 43 km proberen, je kan er nog via andere wegen geraken en zelfs per bus. Maar de meest tot de verbeelding sprekende manier start op het ogenblik dat de trein het station van Aguas Calientes binnenglijdt en je via een uitzonderlijke brok natuur, naar de 400m hoger gelegen Machu Picchu brengt.

Als je over de vereiste financiële mogelijkheden beschikt kan je natuurlijk voor het VIP-arrangement met de Hiram Bingham Luxury Train kiezen die je van Cusco naar Machu Picchu brengt. Nadat je oeverloos geniet van de verbluffende Andes-landschappen komt er gedurende deze belevenis-daguitstap een mooie ‘wining & dining’ op tafel.

Van een heel andere natuur is een eventueel bezoek aan het eiland Taquile op het Titicacameer (ligt voor 40 procent op Boliviaans grondgebied). Dit eiland functioneerde als gevangenis toen Peru nog een Spaanse kolonie was. Daar leren mannen vandaag nog vanaf hun 10 jaar breien. Ze dragen ook steevast een muts en naargelang de dracht maken ze daardoor meteen duidelijk of ze gehuwd zijn, op zoek zijn naar een partner of gewoon (nog) even met rust willen gelaten worden. ’t Is maar dat je het weet!

Voor wie in Peru op zoek wil gaan naar de legendarische goudschat El Dorado is er bijzonder goed nieuws, want die kan je iedere dag terugvinden in de glimlach en de hartelijkheid van de bewoners uit dit kleurrijk stuk Amerika van mengculturen.

Colombia: toekomst is begonnen!

Colombia konden we voor het eerst bereizen op uitnodiging van Ria Mooijaart (Ria Mooijaart & Partners) die met een aantal Mice-coryfeeën op ontdekkingstocht trok in dit land dat een halve eeuw lang geconfronteerd werd met een bloedige burgeroorlog en waar de cocaïnekartels de plak zwaaiden en voor een dagelijkse portie ellende en miserie zorgden. Enkele jaren geleden was het uiteraard fantastisch nieuws toen president Juan Manuel Santos er eindelijk in slaagde om het gezag op het hele grondgebied te herstellen. Voor diens inspanningen om de burgeroorlog te beëindigen kreeg hij overigens de Nobelprijs voor de Vrede. Voor Colombia was de toekomst eindelijk begonnen!

Bovendien is de vriendelijke bevolking wat blij dat ze eindelijk aan reizigers uit heel de wereld de natuurlijke en andere schatten kunnen tonen die door het binnenlands geweld zoveel jaar lang in het verdomhoekje waren gesukkeld.

Colombia is de jongste jaren een meer veilige bestemming geworden en is aardig op weg om inzake belevenis – en daar gaat het vandaag toch over – de nieuwe topbestemming van Zuid-Amerika te worden.

Van terugkerende reizigers hoor je regelmatig dat Colombianen een fier volk zijn dat terecht trots mag en kan zijn op hun land.

Opzienbarend is echter wel dat er in de hoofdstad (7 miljoen inwoners) nog altijd géén metro is. “In de verkiezingsstrijd”, verduidelijkte onze gids, “wordt er om de vier jaar dienaangaande plechtige  beloftes gemaakt, maar daar komt tot dusver gewoon niks van!”

Net zoals de meeste andere Zuid-Amerikaanse landen heeft Colombia een rijke cultuur en dito geschiedenis in de aanbieding. Verder is de adembenemende natuur met de koffieregio (hoogste palmbomen ter wereld) aanbevelingswaardig. Na een uitstap te paard tussen de talrijke koffieplantages zorgt een hartelijk kopje koffie voor een welgekomen brok soelaas. De barista van de plantage Finca El Horizonte in La Tebaida wees erop dat de prima kwaliteit van de Colombiaanse koffie moet toegeschreven worden aan de ideale hoogte (tussen 1.100 en 1.900 meter) waarop er geteeld wordt. Het milde klimaat maakt overigens normaliter twee koffieoogsten per jaar mogelijk.

Een reis door Colombia start meestal in de hoofdstad Bogota (vergeet zeker het sublieme goudmuseum niet), een uitstekende plaats om de typische sfeer op te snuiven. Leuk is voorts dat je je per bus aan je hotel kan laten afhalen voor een begeleid bezoek aan het Botero-museum, sowieso één van de beroemdste en invloedrijkste kunstenaars van Colombia. In zijn persoonlijke collectie die hij in 2000 aan het museum schonk zitten ook werken van o.a. Miro, Dali, Picasso en Monet.

Ook Medellin, de voormalige moordhoofdstad van de wereld, is bezig aan een indrukwekkende opmars en staat vanzelfsprekend manifest op een geslaagd rondreisprogramma.

Top of the bill blijft Cartagena, dat fier en gretig op de UNESCO-werelderfgoedlijst prijkt. Deze toch wel in veel facetten historische kunststad – zeg maar openluchtmuseum met fraaie shoppingmogelijkheden en een dito nachtleven – staat bij de meeste reizigers in pole position. In de 18de en 19de eeuw vormde Cartagena de toegangspoort tot Zuid-Amerika en het is ook van daaruit dat de snode Spanjaarden destijds het geroofde goud van de Indianen verzamelden en verscheepten naar het thuisland.

Vlak na onze aankomst werden we bij valavond met koets en paard rondgereden in deze merkwaardige havenstad en zowat alle deelnemers aan deze studiereis vonden dit een beklijvend moment dat later op de avond werd aangevuld met een bezoek aan enkele kleurrijke kroegjes, die voor een muzikaal orgelpunt van de avond zorgden.

Overdag was er het obligate bezoek aan de Plaza de los Coches, waar zich ooit de grootste slavenmarkt van heel Latijns-Amerika afspeelde.

Hoogtepunten van de reis waren verder de Jeep Willys-tocht in en rond Salentao, de trektocht door de indrukwekkende Cocora-vallei, het bezoek aan het magistrale Sofitel Legend Santa Clara in Cartagena, het blitzbezoek aan hét salsacafé Havana in Cartagena en de 1u. durende speedboottocht naar de Rosario Islands, 27 kleine koraaleilanden die op zowat 35 kilometer liggen te pronken in een uitnodigende zee waar de kleur moeiteloos varieert tussen, groen, turkoois en paars en er één van de mooiste kustgebieden van Zuid-Amerika van maken. Onze tip: de langoest is hier niet alleen superlekker, deze delicatesse is zelfs best betaalbaar.

Pablo, onze lokale gids ter plaatse benadrukte dat de regering het toerisme vanzelfsprekend wil aanzwengelen. Eén van de daartoe doortastende maatregelen is dat nieuwe hotels de eerste 30 jaar taksfaciliteiten krijgen. Dat betekent dat straks in de grote steden vrijwel alle internationale ketens aanwezig zullen zijn, gesteld dat dit vandaag nog niet het geval zou zijn.

Colombia is één grote brok authenticiteit en een aantrekkelijk land in volle toeristische ontwikkeling en bovendien budgettair alsnog een mooie meevaller. Wie het beste ervan wil meemaken én beleven mag niet langer aarzelen want over amper enkele jaren en zelfs veel vroeger mits corona aan de ketting ligt, zal het stormlopen voor deze ‘nieuwe’ bestemming. Zoveel is zeker. Verdad!

Yves Slabbinck, senior writer

 

 


 

 

Zaterdag 20 februari

Aflevering 3: Spitsbergen en Costa Rica

Onder de aanhoudende Coronabelegering blazen een aantal onder ons ongetwijfeld af en toe koud en warm. Vandaar onze keuze deze week. Tussen het koude (althans in de winter) Spitsbergen en het warme (en milieuhartelijke) Costa Rica kunnen de verschillen op het eerste gezicht niet groter zijn. Maar als het over ongerepte natuur gaat en inspanningen om die zo te houden, zijn de overeenkomsten van deze twee bestemmingen legio.

‘Beresterk’ en hot

Spitsbergen, dat in 1596 ontdekt werd door de Nederlander Willem Barentsz is niet alleen de plaats waar je als gewone sterveling/avontuurlijke reiziger het dichtst bij de Noordpool kunt komen, zeggen en schrijven 1.338km, het is een ongerepte brok (2x België) natuur met 29 reservaten en 7 nationale parken. Een ideale introductie voor de moderne poolreiziger, als je het ons vraagt. Opmerkelijk is dat 60 procent van dit feeërieke land uit indrukwekkende gletsjers – de grootste is ruim 150km lang – bestaat. De naam Spitsbergen – vanwege de talrijke spitse bergen – werd in 1925 veranderd in Svalbard, dat in het Noors zoveel betekent als koude kusten.

Spitsbergen mag dan, vooral in de winter koud zijn – de laagste gemeten temperatuur bedraagt -46,3°C – in de zomer wordt vlot 6 tot 7°C gehaald. Uiteraard gaat Spitsbergen ook gebukt onder de (onvoorspelbare) klimaatverandering. Met 7.2 °C verliep de zomer van 2020 drie graden boven normaal en een halve graad boven het oude record uit 2015. De maximumtemperatuur tijdens zomer 2020 was een schokkende 21.7 °C. De zichtbaarheid van de smeltende permafrost neemt dan ook toe.

De bestemming zit de jongste jaren behoorlijk in de lift en is, om een goedkope woordspeling te gebruiken, vandaag zelfs hot, met – uitgezonderd 2020 uiteraard – ruim 20.000 bezoekers op jaarbasis voor dit paradijs voor natuurliefhebbers.

Spitsbergen is een succesvolle (vraag het maar aan Annick Desmet van Asteria Expeditions) ‘beresterke’ bestemming voor een avontuurlijke expeditiecruise. Ter plaatse (Longyearbyen, de meest noordelijke hoofdstad ter wereld) geraak je per charter na ongeveer vijf uur vliegen, met lijnvluchten kan het niet in één dag.

Het expeditieschip M/V Sea Spirit waarmee we in 11 dagen zo goed als rond Spitsbergen vaarden, werd in 1991 in Italië gebouwd en telt 54 kajuiten voor een passagierscapaciteit van 114 personen.

De bemanning bestond uit 72 personen, waaronder een eigen expeditieteam bestaande uit biologen, historici, geologen en vogelaars, dat de dagelijkse landingen per zodiac coördineert. Hetzelfde team zorgde in de lounge voor interessante voordrachten over de Arctis in het algemeen. Een grote bibliotheek met poollectuur verhoogde de kwaliteit van dit bijzonder avontuur.

Er is geen gsm-netwerk, enkel via de satelliet kan er in noodgevallen gebeld worden. Nog een tweede euvel zijn de magnetische stralen die af en toe de computers op de brug – die vrijwel steeds toegankelijk was voor de passagiers – een milde vorm van tilt aanmaten. De flamboyante Oekraïense kapitein Oleg Tikhvinsky wist daar wel raad mee, al kon het ook zijn dat hij op dergelijke momenten soelaas haalde uit de vodkapralines die Annick Desmet speciaal in Brugge bij de Indiana Jones van de chocolaterie, Dominique Persoone, was gaan halen.

Voor dorstige kelen was er eveneens goed nieuws want een niet onaanzienlijk aantal vaten Brugse Zot was meegevlogen en werd gratis aangeboden op het expeditieschip.

In totaal werden er ruim 20 keer zodiaclandingen gemaakt en dit steevast nadat de buurt grondig werd gescout. Er waren telkens twee leden van het expeditieteam present, gewapend met een geweer. In dit uniek decor geniet je als passagier dagelijks van de brute en wilde schoonheid van een eenzame eilandengroep met een overdosis aan gletsjers, fjorden en al dan niet besneeuwde bergen. De rijke fauna en flora maakt van Spitsbergen een ‘spitsbestemming’.

Was iedereen in de wolken over de cruise, dan werd ook de inwendige mens niet vergeten en dit dankzij het ‘culinaire’ werk van de Franse chef Francis Itoumbe, afkomstig uit Montpellier, ooit gelauwerd als de beste jonge Franse chef.

Naast Noren wonen er in totaal zo’n twintigtal verschillende nationaliteiten. Samen goed voor ongeveer 2.700 zielen, wat iets minder is dan de geschatte 3.000 ijsberen die in de regio vertoeven.

De middernachtzon is van de partij tussen 20 april en 26 augustus en de ‘polar night’ slaat toe van 26 oktober tot 15 februari. Dan zijn er minder bezoekers, is er van cruisen geen sprake meer, maar dan worden de sneeuwscooters en de hondensleeën bovengehaald. Juni, juli en augustus zijn de interessantste maanden voor wie van de poolzomer houdt.

Slingeren door het nevelwoud in Costa Rica

Reizen naar Zuid- of Midden-Amerika is altijd een in velerlei opzichten avontuurlijke onderneming. Eén van de absolute natuurparadijzen is zonder enige twijfel Costa Rica. Een land dat dit jaar – waarin het tevens 200 jaar onafhankelijkheid mag vieren – als een van de eerste naties ter wereld volledig klimaatneutraal wil zijn.

Na een verleden als bananenrepubliek haalt Costa Rica – minzaam al wel eens meer het Zwitserland van Midden-Amerika genoemd – meer inkomsten uit toerisme dan uit de bananenexport. Maar dit land van (rustige) meren en (actieve) vulkanen, mysterieuze regen- en geheimzinnige nevelwouden en uitnodigende stranden, beschikt over een dermate imponerende en weelderige natuur, dat zowel de overweldigende fauna als de kleurrijke flora de vele natuur- en dierenliefhebbers het ene superlatief na het andere in de mond doet nemen.

Niet minder dan 25 procent van de totale oppervlakte (iets meer dan anderhalve keer België) is beschermd natuurgebied en 11 procent staat genoteerd als nationaal park.

Deze op-en-top ecobestemming, die duurzaam toerisme koestert als een kostbare diamant, is de jongste 70 jaar gevrijwaard van het geweld dat veel van de buurlanden heeft geteisterd. Misschien heeft een en ander wel te maken met het feit dat het leger in Costa Rica reeds in 1948 werd afgeschaft.

Eén van meest beklijvende voorbeelden van duurzaam toerisme en biodiversiteit beleef je ongetwijfeld in Monteverde en daar heb je, als moeilijk te verzadigen natuurliefhebber, makkelijk een busreis van om en bij de vier uur vanuit San José voor over.

Monteverde is noch meer noch minder een op 1400m hoogte gelegen boerendorp, in 1951 door vier quakers uit Alabama gesticht. Monteverde is niet te missen vanwege de ‘skywalk’ over één of meerdere van de acht tot 170 m lange hangbruggen die tot ruim 40 meter boven het oerwoud zweven. Een bijzondere belevenis als je het ons vraagt omdat je zo door de kruinen van boommastodonten wandelt en onder je 101 exuberante exotische planten en reuzenvarens ziet die hier absoluut hun zin mogen doen vanwege heel veel zon en weliswaar behoorlijk wat regen. In Monteverde kan je overigens ook als een soort Tarzan via de adembenemende canopy-excursie door het nevelwoud slingeren. Vastgesnoerd aan een stalen kabel zweef je tussen de boomkruinen en deze veilige waaghalzerij wordt meestal beloond met de ene adrenalinestoot na de andere. Wie van oerwoudgeluiden houdt neemt vanzelfsprekend deel aan een begeleide nachtwandeling. Gewapend met een zaklamp doemen uit het duister krekels, wandelende taken, slangen, vogels, salamanders, spinnen op en met veel belangstelling komen de zaklampstralen op een bosje hallucinogene kruiden tot stilstand.

Een ander natuurwonder in Costa Rica vormen de tien overgebleven vulkanen, waarvan er nog drie actief zijn. Eén van de populairste en merkwaardigste parken van Costa Rica is beslist Tortuguero aan de Caraïbische Zee, dat bescherming biedt aan de naar schatting 30.000 zeeschildpadden per jaar die hier hun eieren komen leggen. Maar er zijn nog tientallen andere redenen om op belevenisvakantie naar Costa Rica te trekken want het is tevens het land van de orchideeën, kolibries, brulapen, iguana’s, kaaimannen, luiaards, wasberen, pekari’s, tapirs, miereneters, pijlgifkikkers, enz. Je beseft het ondertussen ook wel dat Costa Rica zich wereldwijd terecht aankondigt als een ‘pura vida’-bestemming. Het echte, pure leven is hier inderdaad volop present en voor de plaatselijke vriendelijke bevolking betekent het motto eveneens tevredenheid, gelukkig zijn en warmte. Drie begrippen waarmee je makkelijk een regendag kunt vullen…

Yves Slabbinck, senior writer

Sani Resort: ‘s werelds toonaangevende luxe ecoresort

Sani Resort, de internationaal vermaarde vakantieplek voor families in het Griekse Chalkidiki, is verheugd om zijn nieuwe, verbluffende succes op de World Travel Awards 2020 te verkondigen. Sani Resort wordt immers erkend als beste in de categorie ‘World’s Leading Luxury Green Resort’.

Deze mooie onderscheiding weerspiegelt de inzet van Sani Resort voor duurzame ontwikkeling met een positieve ecologische en sociale impact. De prijs beloont de inspanningen van het resort op gebied van duurzaam en ethisch ondernemerschap in een context waarin ook andere luxueuze toeristische locaties hun eco-certificaten voortdurend uitbreiden en reizigers milieubewust reizen meer en meer als een prioriteit gaan beschouwen. Na de implementatie van een reeks succesvolle duurzame projecten blijft het team zich inzetten voor de verdere ontwikkeling van de huidige initiatieven en de introductie van nieuwe concepten voor 2021 en de verdere toekomst.

Eleni Andreadis (director of Sustainability & CSR Sani Resort): “We zijn oprecht verheugd dat we dit jaar bij de World Travel Awards een onderscheiding hebben ontvangen als de beste in de categorie van luxe ecoresort. We kijken ernaar uit om ons te blijven ontwikkelen en te groeien in duurzame hotellerie, met een ongeëvenaard vakantie-aanbod dat in het teken staat van duurzaamheid.”


Zaterdag 6 februari

Aflevering 2: Bonaire en de Watervallen van Iguazu

In coronatijden maakt watertanden een behoorlijke opmars. Het is hier en daar zelfs een nieuwe hobby, vrijwel steeds uit noodzaak. Om veel te kunnen watertanden heb je echter water nodig. Veel water. En als het over veel water gaat dan ben je op bestemmingen als Bonaire en de Watervallen van Iguazu beslist aan het goede adres.

Een grandioos duikeiland

Het Koninkrijk der Nederlanden telt meer eilanden dan de modale lezer kan opnoemen. En ze bevinden zich niet allemaal aan de voordeur. Bijzonder fraai gelegen in de Caraïbische Zee is Bonaire, dat rechtover de kust van Venezuela samen met Aruba en Curaçao de ABC-eilanden vormt. Overigens hebben onze noorderburen nog een aantal riante eilanden in de buurt, met o.a. Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten.

Toerisme en zoutwinning zijn op Bonaire de belangrijkste bronnen van inkomsten, maar het is beslist één van ’s werelds mooiste onderwater natuurreservaten en terecht zeer geliefd bij duikers en liefhebbers van snorkelen.

De jongste jaren waait in en over Bonaire – dat als Benedenwinds eiland gelukkig meestal gespaard blijft van verwoestende orkanen – een wervelwind van verandering en groei.

Bonaire is in de loop van de geschiedenis meermaals van ‘eigenaar’ veranderd en sedert 10/10/2010 is het een ‘bijzondere gemeente’ van Nederland geworden.

Nadat Spaanse ontdekkingsreizigers op het einde van de 15de eeuw Bonaire in bezit namen gingen ze er vruchteloos op zoek naar goud. Samen met Aruba en Curaçao vonden de Spanjaarden het daarom ‘islas inutiles’, waardeloze eilanden. Tijdens de pijnlijke fase als slaveneiland werd Bonaire in 1633 door Nederland ingelijfd. Nederland was toen desperaat op zoek naar enorme zoutvoorraden voor het pekelen van de nationale haringtrots. In 1816 werd Bonaire definitief aan Nederland toegewezen. Zoutwinning was inmiddels de grootste bron van inkomsten van het eiland geworden. Ook vandaag is de zoutwinning – 500.000 ton per jaar – een uiterst belangrijk economisch gegeven en dit op een oppervlakte die al vlug 20 procent van het eiland in beslag neemt.

“Toerisme is hier pas in de jaren tachtig goed op gang gekomen”, bevestigt men bij de toeristische dienst. “De adembenemende natuurlijke schoonheid van het eiland boven en onder het water, het immer stralende weer met een gemiddelde temperatuur van 29 graden Celsius en een zeer vriendelijke bevolking, hebben het eiland ondertussen terecht in de absolute top van exotische vakantiebestemmingen geplaatst. Toerisme zorgt voor de meeste jobs op het eiland en biedt de plaatselijke bevolking een mooie waaier van kansen aan.”

Vrijwel alle hotels – eigenlijk meestal appartementen mét kitchenette – hebben indrukwekkende duikfaciliteiten ter beschikking. Er zijn 90 verschillende aangeduide duikplaatsen. Het eiland verwelkomde voor Corona ongeveer 140.000 toeristen op jaarbasis. Ook als cruisebestemming laat Bonaire zich gelden met zowat 450.000 pax per jaar, wat in het hoogseizoen zowat iedere dag een of twee cruiseschepen betekent die in de hoofdstad Kralendijk (een verbastering van ‘dijk van koraal’) afmeren. Toch wel een wissel op de rust en de ongerepte natuur die zo eigen is aan een eiland als Bonaire. Een belangrijk argument om naar Bonaire op vakantie te komen is dat niemand je hier lastig valt. Nog straffer: zelfs toeristen groeten elkaar hier doorgaans!

Veel accommodaties kunnen daarenboven prat gaan op een ‘huisrif’ waarbij je als duiker slechts een paar stappen verwijderd bent van de wonderbaarlijke en zelfs fantastische wereld van duizenden kleurrijke vissen en dito koralen. Bovendien is Bonaire op culinair vlak misschien wel de lekkerste Nederlandse ‘gemeente’. ’t Is maar dat je het weet. Van de 101 sportieve bezigheden die op het eiland mogelijk zijn is kajakken in de mangroves al evenzeer een ecologisch moment om u tegen te zeggen.

De keel van de duivel

Wie nog meer water wil, kan vanaf het moment dat we weer buiten Europa mogen, haar of zijn bezoek aan de Watervallen van Iguazu niet langer uitstellen. Magistraal gelegen in het ongerepte regenwoud op het drielandenpunt van Brazilië, Argentinië en Paraguay storten daar per seconde miljoenen liters water naar beneden in niet minder dan 270 grote en kleine watervallen. Je kunt makkelijk twee volle dagen spenderen aan het bezoeken van de indrukwekkende watervalgordel. Eén dag op Braziliaans grondgebied en één dag op Argentijnse grond.

De spectaculairste waterval is zonder enige twijfel ‘De keel van de duivel’ (la garganta del diablo). Iguazu vormt samen met Victoria Falls (grens Zimbabwe/Zambia) de top inzake watervallen op deze planeet. De watervallen van Iguazu winnen het overigens met meer dan een banddikte op de Victoriawatervallen daar waar het over toegankelijkheid gaat want stevige houten loopbruggen met heel wat uitkijkpunten brengen de bezoeker tot heel dicht bij het bulderend watergeweld.

De watervallen van Iguazu zijn naar alle waarschijnlijkheid de mooiste ter wereld. En noch bij de Niagara watervallen, als evenmin bij de Victoria Falls kan je het water uit zoveel verschillende hoeken en kanten naar beneden zien storten.

Natuurliefhebbers zullen ongetwijfeld wat blij zijn te vernemen dat je tevens fantastische wandelingen kunt maken in de omringende natuurparken, die zowel op Braziliaans als Argentijns grondgebied liggen, waar je naast de mooiste orchideeën ook wel kans maakt om oog in oog te staan met koddige neusberen en kleurrijke toekans.

In indianentaal betekent Iguazu groot water en wie er is geweest kan volmondig bevestigen dat dit absoluut niet gelogen is. Om van te watertanden…

Yves Slabbinck, senior writer


Zaterdag 23 januari

Aflevering 1: Galapagoseilanden en Frans Polynesië

Reizen is momenteel een zwaar probleem, maar ‘never let your memories be greater than your dreams!’. Vandaar dat we deze saaie reistijden wellicht best kunnen opvrolijken met plannen voor straks, eens het coronamonster veilig en wel aan de ketting ligt. Kunnen we nu niet reizen, dan belet niemand of niks ons om in afwachting vrolijk te watertanden en nu reeds te boeken. Om de veertien dagen vergasten we de lezer alvast op twee bestemmingen waarin de natuur een beetje centraal staat en die zeker niet zullen misstaan op de meest waanzinnige bucket list!

Net uit de verfpot gestapt?

Op naar de unieke biodiversiteit van de verbluffende Galapagoseilanden dus. Ze zijn met 13 die groter zijn dan 10 vierkante kilometer en er zijn er nog 115 kleinere. Ze beschikken allemaal over een bijzondere plantenvegetatie en het krioelt er van de zeldzame diersoorten, die o.a. Charles Darwin geïnspireerd hebben voor zijn baanbrekende evolutietheorie. De eilanden werden in 1832 geannexeerd door Ecuador. Door hun afgelegen ligging (1000km in de Atlantische Oceaan) waren ze vroeger een aantrekkelijk schuiloord voor zeerovers die met hun snellere schepen vanuit de eilanden tal van met kostbare ladingen voorziene galjoenen van de Spaanse conquistadores onderschepten. Galapagos is het Spaanse woord voor reuzenschildpad en die dieren werden door de zeerovers massaal aan boord gebracht, waar ze omgekeerd liggend, nog maandenlang goed waren voor vers vlees op zee. Op de geïsoleerde Galapagoseilanden hebben de dieren (2.000 inheemse soorten) de jongste 10 miljoen jaar een heel eigen biologische ontwikkeling gevolgd en ze zijn geenszins bang van mensen.

Hoe dan ook, als je op Santa Cruz, Isabela, Santiago, Fernandina, Española, Floreana, San Salvador, San Cristobal of Bartolomé zo dicht bij de zeeleeuwen kan komen dat ze zout op je schoenen spuwen, de blauwvoet Jan van Gent vlak naast je de indruk geeft zonet uit een verfpot te zijn gestapt en zijn hilarische paringsdans inzet, je als een gek plaatjes schiet van de indrukwekkende bloedrode keelzak van de overvliegende fregatvogels of je in de ban geraakt van talrijke endemische soorten, dan weet je eindelijk hoe een echt natuurparadijs eruitziet.

Je kan de eilanden via landarrangementen en dagexcursies bezoeken of aanmonsteren voor 3 tot 14 nachten op één van de 100 cruiseschepen die in de vaart zijn. Misschien kan je nog wel kennis maken met Oostendenaar Stefan Loosveld, die reeds 30 jaar in Ecuador woont. Hij was aanvankelijk taxichauffeur in het toenmalig superonveilige Guayaquil en maakte zich daarna verdienstelijk als  hotelmanager op comfortabele cruiseschepen die het hele jaar door in de vaart zijn in de Galapagos-wateren. De jongste jaren stelt men echter met argusogen vast dat licentiehouders van cruiseschepen zonder veel problemen hun vaartuigen ombouwen naar veel grotere capaciteiten. Geschat wordt dat er 200.000 natuurfreaks allerhande per jaar afzakken naar de Galapagos. Dertig jaar geleden waren dat er 20.000.

Groene parels in de blauwe oceaan

Reizen moet vandaag bij voorkeur synoniem zijn van beleving. Wel, op Frans Polynesië of de Eilanden van Tahiti worden je wildste dromen werkelijkheid en beleef je de werkelijkheid als een droom. Vergeet niet dat deze superbestemming op het verlanglijstje staat van romantici allerhande, trouwlustige paartjes en koppels die hun huwelijksverjaardag een extra dimensie willen geven in het bijzonder.  Dit idyllisch paradijs ligt weliswaar op ongeveer 22u. vliegen, maar eens je er bent geweest keer je zeker tevreden terug. Deze vijf archipels van vulkanische eilanden, die als groene parels in de blauwe oceaan dobberen, vormen gewoon een fenomenale bestemming met honderden witte zandstranden en adembenemende lagunes en zorgen ervoor dat je deze bestemming op zijn best verkent via island hopping en deze eilandencombinaties kunnen zowel per schip, met een catamaran, via een speedboat als uiteraard per vliegtuig.

De vijf archipels strekken zich in de immense Stille Oceaan, op een oppervlakte van 5,5 miljoen vierkante kilometer uit en zijn daarmee vrijwel even groot als heel Europa. De afstand van Tahiti tot Hiva Oa bijvoorbeeld, waar Jacques Brel en Paul Gauguin begraven liggen, bedraagt bijna 1.500 kilometer. Niet  alleen de overweldigende natuur met een wonderbare onderwaterwereld voor duikers en mariene liefhebbers, maken van de 118 eilanden een absolute topbestemming.

Reizigers komen steevast terug met betoverende verhalen over eilanden zoals Tahiti, Moorea, Huahine, Bora Bora of Rangiroa, waar ze de authentieke sfeer van deze mythische eilanden volop hebben kunnen opsnuiven en beleven. Ook het contact met de lokale bevolking is telkens weer een belevenis op zich, want het leven op deze kleurrijke eilanden verloopt immers aan een heel ander tempo en de eerbied voor de natuur vertaalt zich moeiteloos in het begrip Mana. Dit puur Polynesisch concept, dat misschien een beetje ver staat van de westerse denkwereld, verbindt als spirituele krachtbron alle levende wezens op een harmonieuze manier en welt onder verschillende gedaanten op, waarna het zich moeiteloos verankert in het geheugen van de dikwijls serieus verbaasde reiziger.

Mocht je niet kunnen kiezen dan is Rangiroa onze ‘geheimtip’ met het sublieme Hotel Kia Ora Resort & Spa en diens flamboyante manager Gerard Garcia. Liefhebbers van Bora Bora mogen alvast noteren dat er zopas een parel aan deze exotische kroon vakkundig werd opgepoetst, meer bepaald met het totaal gerenoveerde Le Bora Bora by Pearl Resorts, lid van Relais & Châteaux, of what did you expect…?

Yves Slabbinck, senior writer

 


 

Zaterdag 9 januari

 

Natuurlijk – what’s in a word! – verlangen we in deze bange coronatijden naar het ogenblik dat we eindelijk opnieuw zullen kunnen en vooral mogen reizen.  Het heeft er daarenboven alle schijn van dat de lokroep van de natuur straks nog intenser zal doordringen in onze reisverwachtingen en -plannen. Overigens is de ‘terug naar de natuur-beweging’ reeds een tijdje ingezet met gezond eten, minder vervuilen, gezonder leven, meer bewegen, regelmatig sporten, enz.

Vandaar leek het ons niet al te vermetel om, in een nieuwe zaterdagreeks van 6 afleveringen, een aantal bestemmingen in de kijker te zetten, die zelfs een geoefende reiziger én natuurliefhebber in de toekomst kunnen bekoren en waarschijnlijk nu al doen watertanden.

  • Dichter bij de ongerepte natuur dan de Galapagoseilanden kom je niet op deze wereld. Deze 128 eilanden die samen de Archipiélago de Colon uitmaken, liggen op zowat 1.000 km in zee voor Ecuador, waarvan ze een provincie zijn. Mede door de ruim 2.000 inheemse diersoorten, die overigens de mens nooit als vijand hebben ervaren, is de biodiversiteit van die eilanden behoorlijk uniek.  Cruisen in deze waanzinnig mooie archipel is een absolute must voor natuurfreaks allerhande.
  • Nu we het toch over aardse paradijzen hebben, zal Frans Polynesië absoluut niet misstaan in het rijtje. Akkoord, je hebt een slordige 20u. nodig om er te geraken, maar op de schoonheid die je daar in de schoot valt kan je niet afdingen. De vijf archipels van dit Frans overzees gebied beslaan een oppervlakte die zo groot is als heel Europa. Een bezoek aan de talloze onwezenlijk mooie eilanden in het azuurblauw van de Stille Oceaan zorgen steevast voor een immense ver- en bewondering. Toppers zijn Tahiti, Moorea, Bora Bora, Huahine en Rangiroa. Paul Gauguin, Jacques Brel en Marlon Brando wisten het in hun tijd ook al.
  • Bonaire, magistraal gelegen in de Caraïbische Zee, rechtover de kust van Venezuela, is een Nederlands eiland en vormt samen met Aruba en Curaçao de ABC-eilanden. Toerisme en zoutwinning zijn er de belangrijkste bronnen van inkomsten, maar het is beslist één van ’s werelds mooiste onderwater natuurreservaten en terecht zeer geliefd bij duikers. Bovendien is de keuken er interessant en lekker, wat je niet altijd ongestraft van het moederland kunt beweren.
  • Wie onvoorwaardelijk fan is van een ‘geweldige’ natuur, moet vanzelfsprekend naar de Watervallen van Iguazu op het drielandenpunt van Brazilië, Argentinië en Paraguay. In de ruim 270 watervallen, verspreid over 2,7 kilometer stort daar per seconde niet minder dan anderhalf miljoen liter water naar beneden. De spectaculairste waterval is ‘De keel van de duivel’ (la garganta del diablo). De grootste duivel die er ooit op aarde is verschenen als je het ons vraagt! Je hebt twee dagen nodig om de watervallen zowel van de Argentijnse als van de Braziliaanse zijde te bewonderen. Iguazu vormt samen met Victoria Falls (grens Zimbabwe/Zambia) de top inzake watervallen op deze planeet, waarbij de Amerikaanse/Canadese Niagara Falls gewoon een lachertje zijn.
  • Heb je het liever een beetje frisser of stroomt er nog wat ontdekkersbloed door je aderen dan kan je in de zomermaanden op cruise in Spitsbergen (Svalbard). Keurig uitgeruste en moderne expeditieschepen zorgen voor een geleid bezoek aan een absoluut tot de verbeelding sprekende en onbezoedelde natuur in dit stukje Noorwegen dat amper 1.000km onder de Noordpool ligt. Het toendralandschap wordt afgewisseld met spectaculaire gletsjers, enigmatische fjorden en (ijs)bergen om u tegen te zeggen. Samen met de rijke fauna en flora is dit zeer zeker een beklijvende bestemming.
  • Wie liever in warmer weer op ontdekking gaat dan is een rondreis doorheen Midden-Amerika wellicht ook niet te versmaden. Costa-Rica, Nicaragua, Honduras en Guatemala bieden een veelvoud aan spectaculaire vulkanen en schilderachtige meren aan. Steden als San José, Managua, Tegucigalpa, Granada, Copan en Chichicastenango blijven op het netvlies van de reiziger gebrand. In het nevelwoud Monteverde in Costa-Rica zweef je in een zipline boven het woud of trek je – al of niet bibberend – over een spectaculaire hangbrug, hoog boven de boomkruinen.
  • In Zuid-Amerika is er qua natuuraanbod een gigantische keuze. Peru met het overdonderende Machu Picchu en het merkwaardige Titicacameer is vanzelfsprekend niet te missen, maar ook Colombia met prachtige koloniale steden zoals Bogota (met het mooiste goudmuseum van het continent en ook het Boteromuseum is ‘dik’ in orde) en Carthagena – waar de Spanjaarden het geroofde goud van de Indianen verzamelden en verscheepten naar het thuisland – zijn meer dan interessante bestemmingen.
  • Zuid-Afrika per tent was tot voor enige jaren het paradepaardje van de Nederlandse touroperator ‘oad’. Met de African Jumbo Camper, het favoriete speeltje van general manager Joop ter Haar kon je van Johannesburg naar Victoria Falls reizen. Een logistiek team zette de tenten op en ’s avonds werd er verzamelen geblazen rond de braai. In het Krugerpark werd er binnen veilige afbakeningen gekampeerd, maar steevast kwam je midden een overweldigende natuur terecht. The Big Five stond meer dan één keer op het programma.
  • Nog zo’n Afrikaanse topper is Hwange National Park in Zimbabwe (ex-Rhodesië). In dit enigszins omstreden land vanwege de langdurige dictatoriale leiding en het instorten van de agrarische sector, is het spotten van de leeuwen een belangrijke reden tot reizen geweest. Ook vandaag nog is dit een land waar je heel veel kans maakt om dit sierlijke dier aan het werk te zien. Geschat wordt dat er vandaag nog 500 tot 700 leeuwen in Zimbabwe te vinden zijn. Eén van de hoogtepunten was een drinkplaats voor olifanten waar er minstens 70 kolossen van deze giganten dagelijks hun dorst kwamen lessen. Om prima van dit spektakel te kunnen genieten was er zowaar een heuse tribune ter plaatse geïnstalleerd. “Kwestie van op de observatieplatforms mooiere en betere foto’s te kunnen maken” aldus een plaatselijke raadgeving.
  • Mocht je op zoek zijn naar originele manieren om de nacht te spenderen dan is Kagga Kamma in de vredige Cederbergen van Zuid-Afrika ongetwijfeld een tip waarmee je vriend en vijand kunt verbazen. Hier overnacht je in een heuse grot in het vroegere leefgebied van de bosjesmannen, waar je tevens prachtige rotstekeningen –  waarvan een aantal tot 6.000 jaar terug gaan – kunt bewonderen.
  • In het Midden-Oosten wordt – voor of na een bezoek aan het wereldwonder Petra – overnachten in het bedoeïen tentenkamp van Wadi Rum een absoluut hoogtepunt. In dit rode zandwoestijngebied (720 vierkante kilometer!) in het zuiden van Jordanië word je bij nacht bovendien getrakteerd op een ongelofelijke sterrenhemel. Wadi Rum is ook de locatie waar Lawrence of Arabia werd opgenomen, en meer recent een hele resem sciencefictionfilms.
  • Ook aan de innerlijke mens wordt volop gedacht tijdens daartoe speciaal georganiseerde reizen. Zo denken we bijvoorbeeld aan king krab vissen in Noorwegen of je eigen spaghetti maken op een foodfarm in Sardinië. In beide gevallen bijzonder geslaagd. De succulente king krab wordt al eens meer het enige nog overgebleven Russische rode leger genoemd dat duidelijk op weg is naar het Westen. De spaghetti in Sardinië vormde dan zowat de beste pastaslierten die wij ooit onder ons gehemelte mochten stoppen.
  • Als uitsmijter denken we ‘natuurlijk’ aan de Singapore Girl School in Singapore. Dit  opleidings- en trainingscenter voor de crew van Singapore Airlines is op z’n minst gezegd zeer merkwaardig. Daarnaast is Singapore uitstekend bekend bij F1-adepten en ter plaatse kan je je verder vergapen aan de Marina Bay Sands (met een infinity pool op 200m hoogte), de botanische tuinen en tal van andere natuurlijke hoogstandjes. Bij een bezoek aan het legendarische Raffles Hotel kan je vanzelfsprekend niet voorbij aan de Singapore Sling, volgens kenners één van de beste cocktails die ooit dorstige kelen hebben verblijd. Gezondheid!

Yves Slabbinck, senior writer Travel Magazine

Foto: Spitsbergen © Gerrit Op de Beeck

 

Comments