Mix een snuifje Deense hygge met de DDR-versie van Cape Cod en de wildernis van de Baltische kust, en je krijgt de Duitse Oostzeekust, met het eiland Rügen als epicentrum.

Gerrit Op de Beeck (tekst & foto’s)

Het kunstenaarsdorp Ahrenshoop, langs de maagdelijke kustlijn van de Baltische Zee, heeft de uitstraling van een hippe badstad, maar dan zonder overdreven hoogbouw, sportwagens of dure winkels. Hier, waar Duitsland de Deense kust en levensstijl benadert, wordt goed doch eenvoudig geleefd. Geen stress, wél strandkorven -uit de kluiten gewassen strandstoelen met afdakje als beschutting tegen de elementen- en de beste Duitse uitvinding ooit. “Want nog indrukwekkender dan Volkswagen”, lacht de ober van bar Weitblick. Neem die naam maar letterlijk, want de bar bevindt zich bovenop Ahrenshoops legendarische Grand Hotel. Het kunstenaarsdorp met zijn prachtige strand is de symbolische toegangspoort tot Rügen. En wat is Rügen precies? Meer dan 30 jaar na de val van de Berlijnse Muur telt Duitsland toch nog overblijfselen van haar verdeelde verleden. Twee van de krachtigste – en meest onverwachte – symbolen zijn ook de meest geliefde eilanden van het land. Sylt is de voormalige speeltuin van de West-Duitse elite, waar bijna elk luxemerk, van Hermès tot Cartier, een winkel heeft. Rügen was de favoriete vakantieplek van Oost-Duitse partijfunctionarissen. De twee kusten, gescheiden door Denemarken, zijn zeer verschillend van karakter. De Noordzeezijde behoorde tijdens de Koude Oorlog tot West-Duitsland en staat bekend om zijn beukende golven, winderige stranden en surfers. De Baltische kust, die grotendeels aan de Oost-Duitse kant lag, is beschermd en kalm, een helderblauwe baai met, zoals ze zelf graag zeggen, een mild microklimaat. Er situeren zich pakweg 50 eilanden langs de Oost-Duitse kustlijn, maar Rügen is het grootste, bezaaid met beukenbossen, krijtrotsen en vergeten stranden. Met zijn 926 vierkante kilometer oppervlakte is het meteen het grootste eiland van Duitsland.

Ahrenshoop (foto’s links & rechts)

Historisch belangrijk maar toch (redelijk) onbekend

In het voormalige Oost-Duitsland groeide Rügen uit tot dé belangrijkste vakantieplek voor de elite van de DDR-samenleving. Daardoor onthult het eiland anno vandaag een retrokantje van Duitsland dat relatief weinig buitenstaanders ooit hebben gezien. Op Rügen vergeet je ook gemakkelijk dat je op een eiland bent, want het is groot (52 km lang, 41 km breed), rond en vlot bereikbaar via de verhoogde brug naar Hanzestad Stralsund op het vasteland. Rügen heeft een onvoorspelbaar grillige kustlijn, met langgerekte landtongen, witte zandstranden en rotsen, en een vruchtbaar binnenland van vlakke landbouwgrond, bedekt met wilde bloemen en doorkruist met goed ingerichte wandel- en fietspaden. Tijdens de vooroorlogse hoogtijdagen van Rügen waren er honderden adellijke landgoederen op het eiland. De aristocraten werden in 1945 door de Russen verjaagd en het eiland werd het stampvolle terrein van partijmensen: hoge functionarissen van de Communistische Partij; leden van de geheime politie, of Stasi; en Oost-Duitse beroemdheden. Daardoor werd Rügen een soort Sovjetversie van de Azurenkust. De nieuwe machthebbers gingen door met het verwaarlozen, opdelen en afbranden van de 19de-eeuwse architectuurpracht in de badplaatsen. Ze vervingen de grootse landgoederen in het binnenland door moderne en bescheiden datsja’s, de al dan niet houten Russische zomerhuisjes: praktischer, dat wel; maar veel minder aantrekkelijk.

Kap Arkona (foto links) en Sellin

Oude wortels, nieuwe toekomst

Overal in Duitsland vind je metaforen en monumenten van de geschiedenis, overblijfselen van een verdeeld verleden. Maar Prora, Hitlers enorme betonnen toeristencomplex op Rügen, dat vanaf 1936 werd gebouwd als onderdeel van het nazi-recreatieprogramma, is er eentje dat kan tellen. Foute architectuur recht in je gezicht. Een fascistisch resort met militaire vormgeving, een litteken in het landschap. Na een periode van onbestemdheid en dus verloedering werd het complex herontwikkeld tot een geheel van eenvoudige appartementen aan zee, ateliers, particuliere musea, een jeugdherberg en horecagelegenheden. Nog steeds gaan er stemmen op om Prora compleet af te breken. De (voorlopig) nieuwe bestemmingen zijn een teken dat het land uit zijn donkerste hoofdstukken is gekomen. En dat lukt hier overal aardig. Rügen heeft een nieuwe draai gevonden. Langs de historische kades van Binz en Sellin is het gezellig druk, maar de prijzen op de terrassen blijven laag. Hier geen Côte d’Azur-pretentie, aanschuivende Ferrari’s of wuftige, dure modewinkels. Wel zeer betaalbare appelstrudel met slagroom en koffie. Oké, Rügen doet in de hoekjes en het achterland soms nog mat en ruw aan, maar de natuur en vooral dan de zee is rijk aanwezig. Niet te verwonderen dat er de voorbije jaren een jacht op zomerhuisjes losbarstte. Getuige de talrijke vastgoedmakelaars in de hoofdstraat van de badsteden.

Binz (foto links) en Putgarten

Eerlijk gezondheidstoerisme

Wat ook stevig opgevist werd, is het wellness-potentieel of de thalasso-markt. Minder sexy uitgedrukt: het gezondheidstoerisme. Depressies, jicht, hoofd- en spierpijnen tot en met kwalijke gassen (!): reeds in de jaren 1800 hadden artsen het over de medische baten van frisse, zuivere zeelucht, van baden en van een duik in zee. Bovendien: hadden de Engelse en Franse adel ook niet zulke mondaine badplaatsen? Het kuren was geboren en anno vandaag herleeft het. Dat gaat van wellnessbehandelingen in de betere hotels tot naakt in zee plonsen bij zonsopgang. Er is in Duitsland geen wet die naaktrecreatie beperkt. Die wordt dus alom getolereerd, en heeft zelfs een naam: Freikörperkultur – kortweg FKK. Verder wordt duindoornsap je nieuwe drankje en zure haring je snack. En de fiets je transportmiddel bij uitstek.

De Duitse vakantiegangers – zowel in het oosten als in het westen – neigen naar realisme. Zelfs op het hoogtepunt van de zomer is er aan Duitse stranden geen garantie op zonneschijn, dus zijn de hotels altijd ingesteld op maximale gezelligheid – Gemütlichkeit – geschikt voor elk weertype. Dat gezegd zijnde: de Oostzee claimt meer dagen zon per jaar dan waar dan ook in Duitsland. Is dat ook waar? Is dit de Duitse Côte d’Azur, maar dan in goede zin: zonnig en niet te mondain? Hoe dan ook: een vakantie op de Oostzee-eilanden is een pak origineler en authentieker dan een weekendje aan de volgepakte, populaire buurlandenkusten.

Praktisch:

Travel Magazine reisde met de logistieke steun van de Duitse Nationale Dienst voor Toerisme.

www.germany.travel

Regionale info: www.tv-fdz.de ,   www.tourismus-ruegen.de

Voor meer algemene info over de streek:

https://www.germany.travel/en/nature-outdoor-activities/ruegen-island.html

Hoteltip: The Grand in Ahrenshoop (foto’s).

Kurhaus Ahrenshoop Grand Hotel ligt direct aan het strand en biedt een geweldig uitzicht op de Oostzee. De accommodatie bestaat onder andere uit gratis wifi en een spa met een groot binnenzwembad. De kamers zijn ruim, minimalistisch, en fijnzinnig gedecoreerd met moderne kunst. Kurhaus Ahrenshoop opende in 1891. In 1968 werd het oude Kurhaus afgebroken om plaats te maken voor een nieuw gebouw. Ook dat werd in 2008 gesloopt. Twee jaar later herrees een totaal nieuw complex, waar ruimte het toverwoord werd. Het dakterras met bistro en bar is legendarisch. www.the-grand.de

Voor wie met een kampeerwagen reist en op zoek is naar een mooie plek op Rügen, is Freizeitcamp am Wasser in Breege een populaire locatie. https://www.freizeitcampamwasser.m-vp.de/

 

Comments